8.07.05 (1) (10985) edit | Binnenlands Bestuur | nieuws | raalte

Is vertrouwelijke informatie hetzelfde als geheime informatie? In bestuurskundige kringen is de discussie over deze vraag nog steeds niet verstomd. De begripsverwarring is terug te voeren op verschillende wetsartikelen die hierop van toepassing zijn. Het woord ‘vertrouwelijk’ komt voor in de Algemene wet bestuursrecht en de Wet openbaarheid van bestuur (Wob), terwijl in de Gemeentewet wordt gesproken over geheimhouding. De Wob heeft het bovendien over geheime stukken. Dat zijn in dat geval die documenten die vertrouwelijk zijn en die vallen onder de bepalingen van artikel 10 en 11 van de Wob.

De rechtbank in Utrecht schiep een paar jaar geleden duidelijkheid in de strafzaak tegen het GroenLinks-raadslid Wouter van Kouwen uit Houten. Hij werd er door de gemeente van beticht vertrouwelijke informatie op zijn website te hebben geplaatst. De rechtbank was snel klaar met de zaak en sprak Van Kouwen vrij. Vertrouwelijke informatie was volgens de rechters van een andere orde dan geheime informatie. Het openbaar maken van vertrouwelijke informatie is misschien niet netjes, maar -anders dan het openbaren van geheime informatie - niet strafbaar. Het gerechtshof in Amsterdam dacht daar anders over. In een niet door duidelijkheid uitblinkende uitspraak oordeelde het Hof dat in de specifieke Houtense situatie de begrippen vertrouwelijk en geheim door elkaar werden gebruikt en het raadslid dus kon weten dat hij iets deed wat niet mocht. Van Kouwen werd veroordeeld zonder strafoplegging, met de complimenten voor zijn democratische instelling. Sinds dit vonnis neigen de meeste bestuurskundigen ertoe om de begrippen vertrouwelijk en geheim als synoniem te gebruiken.

Aangifte

Mogelijk komt er op niet al te lange termijn nieuwe jurisprudentie. Waarnemend burgemeester Paul Scholten van Raalte stapte eind juni naar de politie om aangifte te doen tegen het SPraadslid Willy Lourenssen. De jurist Scholten vindt - zo schrijft hij op 21 juni in een brief aan de gemeenteraad - dat het raadslid ‘de opgelegde vertrouwelijkheid met opzet heeft verbroken’. De burgemeester vervolgt: ‘Ik zie in dit optreden een grove schending van de geheimhoudingsregel rond vertrouwelijk ter kennis gestuurde informatie, waardoor het verkeer - voorzover dat vertrouwelijk van karakter is - tussen raad en college ernstig in het gedrang komt zoniet onmogelijk wordt.’

De feiten

Harm Lassche is nu zo’n negentien jaar gemeentesecretaris in Raalte. Begin juni laat de gemeente een persbericht uitgaan waarin wordt gesteld dat de 57-jarige topambtenaar per 1 januari 2006 zijn functie beschikbaar stelt om persoonlijke redenen. De achtergronden van dit vertrek blijven onvermeld. De fractievoorzitters krijgen iets meer te horen. Zij ontvangen op hun huisadres een brief met het stempel ‘vertrouwelijk’, waarin de motieven en financiële gevolgen van het vertrek worden toegelicht. Het komt er op neer dat Lassche in dienst blijft van de gemeente en tot aan zijn 61-ste negentig procent van zijn huidige salaris blijft ontvangen. Daarna gaat hij met de FPU.

Naar aanleiding van deze vertrouwelijke brief stelt het SP-raadslid Willy Lourenssen in de ochtend van 8 juni per e-mail vragen over deze kwestie aan de burgemeester. Onder meer omdat niet duidelijk is óf en zo ja wat Lassche voor zijn verlaagde salaris zal doen. In deze vragen gebruikt Lourenssen informatie uit de vertrouwelijke brief. De vragen worden cc verzonden naar de griffier. Dezelfde dag nog liggen de inmiddels via de bestuursafdeling gekopieerde vragen - conform het reglement van orde - voor iedereen ter inzage. Dat gebeurt vlak voor en tijdens de raadsvergadering, die ‘s avonds wordt gehouden. De regionale krant pikt de kwestie enkele dagen later op: een journalist belt met Lourenssen die kort zijn vragen toelicht - en maakt er een verhaaltje van.

Beschadigd

Scholten ziet in het stellen van deze vragen een ‘listige kunstgreep’ van de SP-er om vertrouwelijke informatie naar buiten te brengen. Hij vindt dat de gemeentesecretaris ernstig is beschadigd door de publiciteit en meent dat er hier sprake is van een misdrijf. Om specifieker te zijn: Lourenssen zou ‘Artikel 272 van het wetboek van Strafrecht hebben overtreden, waarin staat: Hij die enig geheim, waarvan hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat hij uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift dan wel van vroeger ambt of beroep verplicht is het te bewaren, opzettelijk schendt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of een geldboete van de vierde categorie.’ Of het Openbaar Ministerie in ‘deze onverkwikkelijke en ondemocratische gang van zaken’ - de kwalificaties komen uit het officiële persbericht van de gemeente - een zaak ziet, is nog niet bekend. Maar vast staat wel dat bij het optreden van Scholten de nodige vraagtekens zijn te zetten.

De oud-burgemeester van Arnhem schrijft bijvoorbeeld in de brief aan de raad dat sinds de invoering van het dualisme het college beslist over het ontslag of benoeming van de gemeentesecretaris. Louter vanwege de verbetering van de communicatie en versterking van de relatie tussen raad en college is besloten de fractievoorzitters ruimer te informeren. Met andere woorden, Scholten had de informatieverstrekking ook achterwege kunnen laten. De burgemeester heeft in zoverre gelijk dat B en W formeel zonder toestemming van de raad de secretaris mogen vervangen. Maar over de financiële gevolgen van dat besluit heeft de raad - die de begroting vast stelt- wél alles te zeggen. Waar Scholten het dus doet voorkomen dat het een gunst is van het college om de fractievoorzitters te informeren, is de werkelijkheid dat B en W serieus in gebreke waren gebleven, als ze de fractievoorzitters níet hadden bijgepraat. De vraag is bovendien of het argument van Scholten om de regeling met de secretaris geheim te houden - bescherming van de persoonlijke levenssfeer - in het kader van de Wet openbaarheid van bestuur wel overeind blijft. In art. 10 van de Wob wordt privacy inderdaad als een uitzonderingsgrond genoemd, maar of die ook geldt in dit geval waarmee publieke middelen zijn gemoeid, is op voorhand geen uitgemaakte zaak. Minister Zalm riep onlangs de publieke sector nog op de salarissen van de topmensen openbaar te maken. Waarom zou het dan in Raalte een groot geheim moeten blijven dat een topambtenaar die een andere, minder verantwoordelijkefunctie krijgt iets van zijn salaris inlevert?

Bovendien rijst de vraag waarom de burgemeester niet heeft voorkomen dat de aan hem gestuurde vragen voorafgaande aan de raadsvergadering publiekelijk ter inzage werden gelegd. Hij had immers de stellige overtuiging dat met openbaarmaking de wet zou worden overtreden. Dan had het dus in de rede gelegen dat hij er alles aan had gedaan om in de uren voor de raadsvergadering dit misdrijf te voorkomen. Hij had bijvoorbeeld vooraf contact op kunnen nemen met Lourenssen en de griffier om hen er op te wijzen dat er een probleem dreigde. Hij had de vragen ook van de agenda kunnen weren.

De burgemeester heeft publiekelijk verklaard dat hij dit laatste noodgedwongen heeft nagelaten, omdat het reglement van orde daar in dit specifieke geval niet in voorziet. Maar wie op grond van een huishoudelijk reglement toestaat dat er een misdrijf wordt gepleegd, en dit ook nog eens faciliteert door onder andere een kopieerapparaat beschikbaar te stellen, maakt niet alleen een verkeerde afweging maar handelt mogelijk ook in strijd met artikel 48 van het wetboek van strafrecht. Daarin staat onder meer: ‘Als medeplichtigen van een misdrijf worden gestraft zij die opzettelijk gelegenheid, middelen of inlichtingen verschaffen tot het plegen van een misdrijf.’

Misdrijf

Dan is er nog de procedurele kant van de zaak. Volstaat het om een enveloppe te voorzien van een stempeltje ‘vertrouwelijk’ en er vervolgens van uit te gaan dat de inhoud geheim blijft? Scholten denkt van wel en in zijn brief verwijst hij daarbij naar de uitspraak van het gerechtshof in Amsterdam in de strafzaak tegen Van Kouwen. ‘Recente jurisprudentie stelt vertrouwelijkheid gelijk aan geheimhouding’, schrijft Scholten. Daarin heeft hij gelijk, maar als dát het uitgangspunt is, dan geldt ook dat het vertrouwelijk bestempelen van informatie aan dezelfde wettelijke procedure is gebonden als geheime informatie.

Artikel 25 van de Gemeentewet is daar duidelijk over. De burgemeester kan op stukken geheimhouding leggen, maar die geheimhouding vervalt als de raad deze niet in de eerstvolgende raadsvergadering bekrachtigt. Met andere woorden, op de avond dat de vragen van de SP ter inzage werden gelegd, had de gemeenteraad de opgelegde geheimhouding dienen te bevestigen.

Dit is niet gebeurd, zodat de geheimhouding na afloop van de raadsvergadering automatisch was opgeheven.

Door de geheimhouding niet te agenderen, verspeelde Scholten ook de kans op de meest voor de hand liggende oplossing in deze zaak. Het reglement van orde schrijft voor dat de burgemeester ingediende vragen kan weigeren als het onderwerp van die vragen al op de raadsagenda staat. Als de burgemeester de geheimhouding conform de gemeentewet had bekrachtigd, had hij alle recht gehad de vragen van Lourenssen niet door te leiden. Al met al is de geheimhouding in Raalte feitelijk maar een paar uurtjes geschonden geweest. Na de raadsvergadering van 8 juni stond het iedereen vrij om over de zaak te praten. Met het gesprekje dat Lourenssen enkele dagen later voerde met de krant was dan ook niets mis, alhoewel het voor Scholten wel mede aanleiding is geweest om naar de politie te stappen.

Iemand beschuldigen van een misdrijf is een ernstige aangelegenheid die diep ingrijpt in het privéleven van de verdachte. Als een burgemeester aangifte doet tegen een raadslid dient hij dan ook een harde zaak te hebben. Paul Scholten heeft dat allesbehalve.

Door Philip Brouwer
Bron: Binnenlands Bestuur, Jaargang 2005, aflevering 27 pagina 32

Reacties

reactie nr. 6848 door anoniemus op 22 september 2005 23:12
Rijksrecherche verhoort SP’er vier uur lang

door BOUDEWIJN WARBROEK

9 JULI 2005 - RAALTE/DEVENTER - Het Raalter SP - gemeenteraadslid Willy Lourenssen is deze week vier uur lang verhoord door twee opsporingsambtenaren van de rijksrecherche. ‘Het was best pittig, maar dat hoort erbij.’.

Aanleiding voor het verhoor van Lourenssen is de aangifte die waarnemend burgemeester Paul Scholten tegen het raadslid heeft gedaan wegens het lekken van vertrouwelijke informatie.

De SP’er had vragen gesteld over een vertrekregeling die het college van burgemeester en wethouders was overeengekomen met gemeentesecretaris Harm Lassche. Scholten had de fractievoorzitters in de gemeenteraad ‘vertrouwelijk’ per e-mail en per brief geïnformeerd over de met de topambtenaar gemaakte afspraken. Uit de vragen van Lourenssen, die uiteindelijk in de openbaarheid kwamen, viel onder meer op te maken dat Lassche negentig procent van zijn salaris behoudt nadat hij zijn functie heeft neergelegd.

Lourenssen zegt dat het vuur hem tijdens het verhoor na aan de schenen is gelegd. ‘Er werd nadrukkelijk vanuit gegaan dat ik als raadslid goed op de hoogte ben van alle procedures en dat ik dus had kunnen weten dat de vragen in de openbaarheid zouden komen. Maar of ik daarmee ook bewust de vertrouwelijkheid heb geschonden, zoals de burgemeester zegt, dát is volgens mij toch echt iets anders.’

De SP-vragen kwamen in de openbaarheid doordat ze in uitgeprinte vorm tussen vergaderstukken voor de gemeenteraad zaten. Lourenssen had zijn vragen in de nacht voorafgaand aan de bewuste vergadering naar de gemeente gemaild. Tijdens het verhoor werd hem onder meer gevraagd of hij het mailtje bewust in de nachtelijke uren had verstuurd, omdat hij immers kon weten dat Scholten en de andere college-leden overdag in Goes een congres van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) zouden bijwonen. Dit zou de kans kunnen vergroten dat de vragen als het ware onopgemerkt tussen de openbare stukken zouden komen. ‘Maar de vragen bleken te zijn doorgefaxt naar de burgemeester. Hij heeft er dus wel degelijk kennis van kunnen nemen, maar heeft er kennelijk niets mee gedaan’, zegt Lourenssen.

De rijksrecherche benaderde Lourenssen eind vorige week via zijn mobiele telefoon om een afspraak te maken. Op verzoek van de SP’er had het verhoor plaats op het politiebureau in Deventer. ‘Dat leek me praktisch, omdat ik werk in Schalkhaar.’ Het verhoor werd afgenomen in een kantoorruimte. ‘Ik ben er alleen en heel open naartoe gegaan. Ik heb ook niets te verbergen.’

Emotioneel

Eén moment is Lourenssen tijdens het verhoor emotioneel geworden. Dat was toen het ging over de vraag waarom hij het begin van de raadsvergadering heeft gemist toen de gewraakte vragen aan de orde kwamen. ‘Ik heb toen in de Pauluskerk een avondwake bijgewoond voor iemand die ik goed heb gekend. Op het moment dat ik me daarvoor moest verantwoorden en de vraag kreeg voorgelegd of ik wel echt bij die avondwake was geweest, werd het me even te veel. Dat merkte ik aan mijn lichaam.’

Tien kantjes

Het verhoor van Lourenssen is vervat in een tien kantjes tellend proces-verbaal. De rijksrecherche gaat nu verder met het onderzoek en zal haar bevindingen uiteindelijk rapporteren aan de officier van justitie. Die beslist of het tot strafvervolging komt, of dat de zaak eventueel wordt geseponeerd. Hoe lang dit allemaal gaat duren, is onbekend.

Geef een reactie




Remember Me?

(you may use HTML tags for style)